Geen producten (0)
 

Lee, Soon Ok - Zij mogen de hemel niet zien (Waargebeurd)

€ 5,95
Op voorraad
Omschrijving

Soon Ok Lee zat zeven jaar opgesloten in een strafkamp in Noord-Korea. De omstandigheden waren er onmenselijk en Soon Ok Lee werd gemarteld. Wonder boven wonder kwam ze vrij. Nu wil ze overal ter wereld vertellen welke verschrikkingen de gelovigen in haar land doormaken.

Soon Ok Lee werd in 1947 geboren in Noord-Korea. Als dochter in een vooraanstaande familie besteedde ze vrijwel elke minuut van de dag aan Partij en aan de ‘Grote Leider’ Kim Il-Sung. Pas in 1985 realiseert ze zich in wat voor land ze eigenlijk leeft.

Corruptieschandaal
Ok Lee had de supervisie over een distributiecentrum en mocht onder meer grondstoffen inkopen in China. Ze leidde een tevreden bestaan. Tot ze plotseling werd gearresteerd. “Ik was de zondebok in een corruptieschandaal. Het hoofd van de openbare veiligheidsdienst had illegale dingen gedaan en probeerde via mij zijn hachje te redden. Nadat ik was opgepakt, ben ik veertien maanden zwaar gemarteld. Ik kreeg bijna geen eten, geen drinken en geen slaap en werd dagenlang verhoord. Ze wilden dat ik corruptie zou bekennen. Dat deed ik niet, omdat dan mijn familie haar vooraanstaande positie zou kwijtraken en ook mijn man en mijn zoon zouden worden gestraft. Na die veertien maanden heb ik toch de valse bekentenis ondertekend, onder voorwaarde dat mijn man en mijn zoon met rust gelaten zouden worden.”

Opvoedingskamp
Pas na het ondertekenen van de verklaring kreeg Ok Lee een proces. Hoewel ze haar bekentenis weer introk, werd ze veroordeeld tot dertien jaar cel in een opvoedingskamp. Ook daar kreeg ze met vreselijke martelingen te maken. De gevangenen moesten 18 tot 20 uur per dag werken. Iedereen moest een bepaalde hoeveelheid produceren. Wie zijn dagelijkse quotum niet bereikte, zag zijn voedselrantsoen gehalveerd tot 50 gram per dag. Zwangere vrouwen mochten hun kinderen niet levend ter wereld brengen. Met pijnlijk gif wekten de gevangenisbewaarders een miskraam op. Levende baby’s werden doodgetrapt. Veel gevangenen kwamen om door schoktherapie: ze werden met elektrische schokken doodgemarteld.

God blijven aanroepen
In de gevangenis ontdekte Ok Lee een groep van 140 mensen die anders dan de rest waren. Volgens bewakers waren ze psychisch gestoord. Het was hun verboden naar de hemel te kijken en ze werden nog harder aangepakt dan de andere gevangenen. Ze kregen het gevaarlijkste werk. “Het waren christelijke gelovigen”, zegt Ok Lee. “Ik dacht eerst dat ze gewoon gek waren. Ze kwamen voor elkaar op in plaats van voor zichzelf. Toen een vrouw in een tank met uitwerpselen viel, sprongen anderen haar achterna om te helpen. De bewakers hebben de tank toen gesloten. Als deze christenen de dood in de ogen keken, bleven ze hun God aanroepen, zelfs toen ze werden overgoten met gloeiend hete olie. Ik raakte door hen gefascineerd.”

Gratie
In 1992 leek het leven van Ok Lee ten einde. Alle 6000 gevangenen van het kamp moesten voor appel aantreden. Toen de naam van Ok Lee werd omgeroepen, dacht ze dat ze zou worden gefusilleerd. “Ik dacht: Wat heb ik gedaan dat ze mij nu vermoorden? Maar het liep anders. De directeur zei dat als alle gevangenen zo goed werkten als ik, ze ook vrijgelaten zouden worden. Kim Il-Sung had mij als eerste gevangene in dertig jaar gratie verleend. Toen begreep ik niet waarom. Nu zie ik daar de hand van God in. Alle gevangenen keken mij aan. Inclusief de 140 christenen, die een zware straf konden krijgen als ze hun hoofd niet gebogen hadden. Hun ogen zeiden dat ik hun verhaal moest vertellen aan de wereld.”

Bidden voor het volk
Na zeven jaar werd Ok Lee herenigd met haar zoon. Haar man was vermist en is vermoedelijk gestorven in een gevangenis. Uiteindelijk slaagde Ok Lee erin met haar zoon naar China te ontsnappen. Daar werden beiden christen, dankzij de Chinees-Koreaanse familie waar ze waren ondergedoken. “Ze vertelden over de liefde van God en baden dat we veilig naar Zuid-Korea konden vluchten.”  Via Hongkong en Zuid-Korea kwamen Ok Lee en haar zoon in Amerika terecht. Nu grijpt ze elke gelegenheid aan om over de situatie in haar land te vertellen. “Ik hoop dat mensen willen bidden voor mijn volk.”

Ark boeken, In mooie staat! 151 pag. pb. Wel naam voorin