Geen producten (0)
 

Westland, ds. J. - God onze troost in noden

€ 3,50
Op voorraad
Omschrijving

De vragen rond God en het lijden...

Na een korte inleiding geeft de schrijver een karakterisering van de nieuwere theologie, o.a. van Moltmann, die de Allerhoogste tekent als een God, door wie mensen in onmacht worden gevangen gehouden en met angst bezet. God is voor hem zoiets als de onbewogen beweger van Aristoteles. Moltmann, die zelf zijn theologie als patricompassianisme kwalificeert, beweegt zich op de grens van patripassianisme. 'God heeft het menselijke lijden met haar vergeefsheid en dood op zich, in zich, genomen.

D. Sölle die verder gaat dan Moltmann, wil van het unieke lijden van Christus niet weten. H. Wiersinga sluit zich in meer dan één opzicht aan bij Sölle. Hij spreekt van 'weerloze overmacht van God' en de 'vergeldingstheorie' wordt door hem afgewezen. Van de Beek spreekt van de veranderlijkheid Gods. Schrijvende over de geschiedenis wordt pijn en lijden haast als iets noodzakelijks getekend.

Het hoofdstuk 'Wie is God' vangt aan met een verantwoorde uiteenzetting van de verhouding algemene en bijzondere openbaring. Gewezen wordt op een verleiding om het bijzondere door het alge-

mene te laten vervagen. God gaat boven alle berekening uit: er is een geheim, dat vraagt om aanbidding! Bij de almacht Gods van een potestas absoluta te spreken is onjuist. Calvijn noemt een formele opvatting van de Almacht Gods een onheilig verzinsel. De onveranderlijkheid Gods hangt samen met Gods onafliankelijkheid en wijsheid. In het spreken over de openbaring Gods stuiten we op het geheim. Dat komt ook uit bij het woord heiligheid, een spanning tussen openbaring en verborgenheid.

De leer van de voorzienigheid is een onuitsprekelijke troost, art. 13 NGB. De gelovigen mogen zich in onbegrepen wegen toevertrouwen aan de wijsheid Gods.

Bij de werken Gods wordt ook gewezen op de betekenis van medewerking en toelating. Zwaar is de verantwoording voor allen die op het erf van het verbond leven. Het schuldbesef wordt in deze tijd ondermijnd. Hier wordt - opnieuw - gewezen op de theologie van Moltmann e.a. waarin een universalistische trek domineert. De Drieëenheid is een drieheid geworden.

De troost van de titel wordt niet vergeten: God bewaart en beproeft Zijn kinderen, zij delen in het lijden om Christus' wil. Het teken van gemeenschap met en navolging van Christus geeft berusting, geen gelatenheid, en doet rust vinden in Christus. De God van alle vertroosting is het die de nederigen troost. Uw vertroostingen hebben mijn ziel verkwikt.

Uitg. Kok, 145 pag. in mooie staat!