Geen producten (0)
 

Brons, ds. J. - Brandend Licht dat in de Dienst verteerde

€ 17,50
Op voorraad
Omschrijving

De huidige bevindelijk gereformeerde inslag van de Urker bevolking heeft alles te maken met het optreden van de 19e-eeuwse predikant Jacob Nentjes. 

Ds. J. Brons, christelijk gereformeerd emeritus predikant te Urk, schreef een boek over de markante afgescheiden predikant: ”Brandend Licht, dat in de Dienst verteerde”. Ds. Brons (1934) stond van 1978 tot 1999 in Urk. Na zijn emeritaat bleef hij er wonen. Toen hij in 2009 stopte met pastoraal werk begon hij (opnieuw) met onderzoek van de kerkgeschiedenis van het voormalige Zuiderzee-eiland.

De predikant werd getroffen door de „bijzondere figuur” van Jacob Nentjes. De man heeft veel betekend voor het eiland, vertelt de christelijke gereformeerde predikant. „De bevindelijk gereformeerde identiteit van Urk is, menselijkerwijs gesproken, voor een groot deel op hem terug te voeren.”

Nentjes werd in 1818 geboren op het Zuiderzee-eiland en kerkte in de afgescheiden gemeente die in 1836 op Urk ontstaan was. Na het overlijden van de eerste afgescheiden predikant, Pier Schaap, werd Nentjes zijn opvolger. Hij diende de gemeente 25 jaar, van 1846 tot 1873, met een onderbreking van drie jaar toen hij in Harlingen stond. Ds. Brons: „De Heere gebruikte hem om, na een diepe inzinking rond 1800, het Urker kerkelijk leven weer tot zegenrijke ontplooiing te brengen.”

De predikant illustreert de invloed van Nentjes met cijfers. Toen hij in 1846 aantrad als predikant, telden de hervormde gemeente en de afgescheiden gemeente beide ongeveer 300 à 400 leden. Bij zijn overlijden had Urk ongeveer 1650 bewoners, van wie er circa 1250 afgescheiden waren en ongeveer 350 hervormd.

Door zijn Schriftuurlijk-bevindelijke prediking en instelling heeft Nentjes het kerkelijke leven op Urk vanuit de conventikelkringen, waarin het dreigde ten onder te gaan, weer in de kerk teruggebracht, formuleert ds. Brons de betekenis van de 19e-eeuwse predikant. Dat de Doleantie op Urk aanvankelijk geen navolging kreeg, schrijft hij ook gedeeltelijk op dienst conto.

Volgens ds. Brons, die zich vooral baseert op artikelen in De Bazuin, een van de kerkelijke bladen van de Afscheiding, was Nentjes een herder die heel dicht bij het volk stond in een tijd dat tal van rampen het eiland overspoelden.

Bidstond aan de haven

Als voorbeeld noemt ds. Brons een bidstond die ds. Nentjes op een winterse zondagmorgen hield aan de haven. Urker vissersschepen waren vanwege ijsgang uitgeweken naar Lemmer. Daar hadden ze een boot gevonden die hen naar Urk zou brengen. Die boot met circa negentig Urkers raakte echter vast in het ijs. Vanuit Urk besloot men op een zondagmorgen met de ijsvlet, die zowel kon varen als over het ijs kon glijden, een poging te doen de dorpsgenoten te redden. Ds. Nentjes trok met een grote groep mensen naar de haven waar hij een woord sprak, bad en de redders de zegen van de Heere toewenste. Ds. Brons: „Alle Urkers zijn behouden thuisgekomen.”

Als ander voorbeeld noemt hij het werk dat ds. Nentjes deed voor de vele armen op Urk, met name voor de weduwen en de kinderen van op zee geblevenen. Op een keer voer hij met de boot van Enkhuizen naar Urk. Tegen een vrouw die hem ernaar vroeg, zei hij dat hij de last van die arme Urkers voortdurend voelde. „Het is niet uw last, weduwen en wezen heeft de Heere niet aan u maar aan Zich overgelaten om voor hen te zorgen, uw taak is het om met het Woord van de Heere hen te troosten en te sterken”, zei de vrouw tegen hem. Ds. Brons: „Nentjes schreef later dat er toen een last van zijn ziel werd afgenomen. Het tekent hem als een echte herder die de nood van zijn schapen gevoelde.”

Theologische School

Ds. Nentjes is van meer dan plaatselijke betekenis geweest, aldus ds. Brons. „Hij was een groot aantal jaren lid van de synode en heeft de eenheid van de kerken gediend.” Zo vroeg hij ?in een brief aan ds. L. G. C. Ledeboer om naar de afgescheidenen terug te keren, waarbij hij hem zo veel mogelijk tegemoet wilde komen. Nentjes heeft ook een ?bijdrage geleverd aan de vereniging van de afgescheiden kerken in 1869 en aan de totstand­koming van de Theologische School in Kampen, onlangs verplaatst naar Groningen. Van die school is hij jarenlang curator geweest.

De titel van het boek is afkomstig van de steen op het graf van ds. Nentjes: „Hier rust hij, die een reeks/ Van zes en twintig jaren/ Gods kerke heeft gediend,/ Door ’t woord ons te verklaren./Hij was een brandend licht,/ ?’t Welk in den dienst verteerde.”

158 pag. Nieuw!